Referentietabel
In onderstaand overzicht is de referentietabel weergegeven. In dit overzicht is terug te vinden waar in het duurzaamheidsverslag de ESRS datapunten terug te vinden zijn. Informatie die niet materieel is op het gebied van negatieve of positieve impacts, kansen of risico’s hebben we niet opgenomen in het duurzaamheidsverslag of in onderstaande referentietabel.
|
ESRS |
Omschrijving |
Vindplaats in duurzaamheidsverslag |
Opmerking |
|
ESRS 1 | Algemene vereisten |
|||
|
7.1 |
Presentatie van vergelijkende informatie |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag – dilemma’s |
|
|
7.2 |
Bronnen van schattingsonzekerheden en onzekere uitkomsten |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag – Schattingen en onzekerheden |
|
|
7.5 |
Rapportagefouten in voorgaande perioden |
3.5.5.1 Onderliggende aannames en methodologieën – Klimaatmitigatie – Foutherstel en correctie vergelijkende cijfers |
|
|
7.7 |
Gerubriceerde en gevoelige informatie, en informatie over intellectueel eigendom, knowhow of resultaten van innovatie |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag |
|
|
9.1 |
Opname door middel van verwijzingen |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag – Verwijzingen |
|
|
ESRS 2 | Algemene toelichtingen |
|||
|
BP-1 |
Grondslag voor het opstellen van informatie |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag |
Niet van toepassing: ESRS 2 artikel 5e |
|
BP-2 |
Rapportage over specifieke omstandigheden |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag – Tijdshorizons |
Niet van toepassing: ESRS 2 artikel 17 |
|
GOV-1 |
De rol van de bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen |
2.4.1 Governance structuur - Stuctuurregime |
|
|
GOV-2 |
Informatie verschaft aan en omgang met duurzaamheidsthema’s door bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen van de onderneming |
3.1.2.1 Rol van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen – Informatievoorziening, bespreking en afweging van dilemma’s |
|
|
GOV-3 |
Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen |
3.1.2.1 Rol van bestuurs-, leidinggevende en toezichthoudende organen – Integratie van duurzaamheidsprestaties in beloningsregelingen |
Niet van toepassing: ESRS 2 TV 7 |
|
GOV-4 |
Due-dilligenceverklaring |
3.1.2.2 Due-diligence verklaring |
|
|
GOV-5 |
Risicobeheersing en interne controles voor duurzaamheidsrapportage |
3.1.2.3 Risicobeheersing en controles |
|
|
SBM-1 |
Strategie, businessmodel en waardeketen |
2.1.3 Businessmodel en strategie |
Niet van toepassing: ESRS 2 artikel 40c t/m f, artikel 41, TV 12, TV 13 |
|
SBM-2 |
Belangen en opvattingen van stakeholders |
3.1.3.2 Belangen en opvattingen stakeholders |
|
|
SBM-3 |
Materiële impacts, risico’s en kansen en de wisselwerking daarvan met strategie en businessmodel |
3.1.3.2 Belangen en opvattingen stakeholders |
Niet van toepassing: |
|
IRO-1 |
Beschrijving van de processen om materiële impacts, risico’s en kansen in kaart te brengen en te analyseren |
3.1.1.1 Algemene grondslag voor het opstellen van het duurzaamheidsverslag - Tijdshorizons |
Niet materieel: E1 artikel 20b, c, 21, TV 9 en 10 |
|
IRO-2 |
Rapportage-eisen in ESRS opgenomen in het duurzaamheidsverslag van de onderneming |
3.1.4.2 Impact-, risico-, en kansenmanagement – Materialiteitsbepaling |
|
|
MDR-P |
Beleid aangenomen voor het managen van materiële duurzaamheidsthema’s |
3.2.2.3 Klimaatmitigatie – Beleid |
|
|
MDR-A |
Maatregelen en middelen wat betreft materiële duurzaamheidsthema’s |
3.2.2.4 Klimaatmitigatie – Inzet |
|
|
MRD-M |
Maatstaven voor materiële duurzaamheidsthema’s |
3.2.2.5 Klimaatmitigatie – Uitstoot en doelen |
|
|
MDR-T |
Effectiviteit van beleid en maatregelen monitoren aan de hand van doelen |
3.2.2.5 Klimaatmitigatie – Uitstoot en doelen |
|
|
E1 | Klimaatverandering |
|||
|
E1-1 |
Transitieplan voor klimaatmitigatie |
3.2.2.2 Klimaatmitigatie - Klimaattransitieplan CZ groep |
Referentie EU Klimaatwet: Verordening (EU) 2021/1119, art. 2, lid 1 |
|
E1-2 |
Beleid ten aanzien van klimaatmitigatie |
3.2.2.3 Klimaatmitigatie – Beleid |
Niet materieel: E1 artikel 25b t/m e, TV18 |
|
E1-3 |
Maatregelen en middelen wat betreft beleid ten aanzien van klimaatverandering |
3.2.2.4 Klimaatmitigatie – Inzet |
Niet van toepassing: E1 artikel 29c |
|
E1-4 |
Doelen inzake klimaatmitigatie |
3.2.2.5 Klimaatmitigatie – Uitstoot en doelen |
|
|
E1-5 |
Energieverbruik en energiemix |
Niet materieel |
|
|
E1-6 |
Bruto scope 1-, 2-, 3- emissies en totale broeikasgasemissies |
3.2.2.5 Klimaatmitigatie – Uitstoot en doelen |
Niet materieel: artikel 44a, b, 48, 49, 50, 52, TV 46h, k, TV 51 |
|
E1-7 |
Broeikasgasverwijderingen en projecten voor broeikasgasmitigatie gefinancierd uit carbon credits |
Niet materieel |
|
|
E1-8 |
Interne koolstofbeprijzing |
Niet materieel |
|
|
E1-9 |
Beoogde financiële effecten van materiële fysieke en transitierisico’s en potentiële klimaatkansen |
Infasering |
|
|
E2 | Verontreiniging |
|||
|
E2-1 |
Beleid ten aanzien van verontreiniging |
3.2.3.2 Waterverontreiniging – Beleid |
|
|
E2-2 |
Maatregelen en middelen wat betreft verontreiniging |
3.2.3.3 Waterverontreiniging – Inzet |
|
|
E2-3 |
Doelen wat betreft verontreiniging |
3.2.3.4 Waterverontreiniging – Maatstaven en doelen |
Niet materieel: E2 artikel 23a, c en d |
|
E2-4 |
Verontreiniging van lucht, water en bodem |
Niet materieel |
|
|
E2-5 |
Zorgwekkende stoffen en zeer zorgwekkende stoffen |
Niet materieel |
|
|
E2-6 |
Beoogde financiële effecten van risico’s en kansen wat betreft verontreiniging |
Infasering |
|
|
E5 | Materiaalgebruik en circulaire economie |
|||
|
E5-1 |
Beleid ten aanzien van materiaalgebruik en circulaire economie |
3.2.4.2 Circulaire economie – Beleid |
|
|
E5-2 |
Maatregelen en middelen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie |
3.2.4.3 Circulaire economie – Inzet |
|
|
E5-3 |
Doelen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie |
3.2.4.3 Circulaire economie - Inzet |
|
|
E5-4 |
Materiaalinstromen |
3.2.4.5 Circulaire economie - Maatstaven en doelen |
|
|
E5-5 |
Materiaaluitstromen |
Niet materieel |
|
|
E5-6 |
Beoogde financiële effecten van risico’s en kansen wat betreft materiaalgebruik en circulaire economie |
Infasering |
|
|
S1 | Eigen personeel |
|||
|
S1-1 |
Beleid ten aanzien van eigen personeel |
3.3.1.2 HR-beleid |
Niet van toepassing: S1 artikel 21, 22 |
|
S1-2 |
Processen om met eigen personeel en werknemersvertegenwoordigers te overleggen over impacts |
3.3.1.3 Betrokken medewerkers |
|
|
S1-3 |
Processen voor herstel van negatieve impacts en kanalen voor personeel om zorgen kenbaar te maken |
3.3.1.3 Betrokken medewerkers – Ontvangen signalen en klachten |
|
|
S1-4 |
Acteren op materiële impacts |
3.3.1.4 Vitaliteit – Inzet |
Niet materieel: S1 artikel 40a, b |
|
S1-5 |
Doelen wat betreft het managen van materiële impacts, risico’s en kansen |
3.3.1.4 Vitaliteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-6 |
Kenmerken van de werknemers van onderneming |
3.3.1.2 HR-beleid – Onze medewerkers in 2025 |
|
|
S1-7 |
Kenmerken van medewerkers niet in loondienst onder het eigen personeel van de onderneming |
3.3.1.2 HR-beleid - Onze medewerkers in 2025 |
Deels infasering |
|
S1-8 |
Cao-dekkingsgraad en sociale dialoog |
Niet materieel |
|
|
S1-9 |
Diversiteitsmaatstaven |
3.3.1.7 Diversiteit - Verdeling medewerkers naar gender |
Niet diverseel |
|
S1-10 |
Leefbare lonen |
Niet materieel |
|
|
S1-11 |
Sociale bescherming |
Niet materieel |
|
|
S1-12 |
Mensen met een beperking |
3.3.1.7 Diversiteit – Mensen met een arbeidsuitdaging |
|
|
S1-13 |
Maatstaven voor opleiding en ontwikkeling van vaardigheden |
Infasering |
|
|
S1-14 |
Veiligheids- en gezondheidsmaatstaven |
Niet materieel |
|
|
S1-15 |
Werk-privébalans |
Niet materieel |
|
|
S1-16 |
Beloningsmaatstaven (loonkloof en totale beloning) |
3.3.1.7 Diversiteit – Beloningsmaatstaven |
|
|
S1-17 |
Incidenten, klachten en ernstige impacts op het gebied van mensenrechten |
3.3.1.6 Maatregelen tegen geweld en intimidatie – Incidenten, klachten en ernstige impacts op het gebied van mensenrechten |
Niet van toepassing: S1 artikel 104 |
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt kansen te krijgen om uitdagende taken of projecten op zich te nemen |
3.3.1.5 Opleiding & ontwikkeling van medewerkers – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt voldoende kansen te krijgen door te kunnen groeien naar een hogere of interessantere functie binnen CZ groep. |
3.3.1.5 Opleiding & ontwikkeling van medewerkers – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt dat de opleidingsmogelijkheden te krijgen die passen binnen CZ groep bij zijn/haar ambities. |
3.3.1.5 Opleiding & ontwikkeling van medewerkers – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt bekend te zijn met de meldpunten van sociale onveiligheid |
3.3.1.6 Maatregelen tegen geweld en intimidatie – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt ervaring te hebben met sociale onveiligheid |
3.3.1.6 Maatregelen tegen geweld en intimidatie – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt contact te hebben gezocht n.a.v. sociale onveiligheid |
3.3.1.6 Maatregelen tegen geweld en intimidatie – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt CZ te ervaren als inclusieve werkgever waar iedere medewerker zich welkom voelt en gewaardeerd wordt |
3.3.1.7 Diversiteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt het gevoel te hebben zichzelf te kunnen zijn op werk |
3.3.1.7 Diversiteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt dat er in zijn/haar team respectvol wordt omgegaan met overtuigingen en keuzes |
3.3.1.7 Diversiteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt dat er in zijn/haar team verschillende overtuigingen en keuzes worden gewaardeerd. |
3.3.1.7 Diversiteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S1-entiteit specifiek |
Percentage medewerkers dat zegt dat hij/zij dezelfde loopbaankansen ervaart als zijn/haar collega’s |
3.3.1.7 Diversiteit – Maatstaven en doelen |
|
|
S2 | Werknemers in de waardeketen |
|||
|
S2-1 |
Beleid ten aanzien van werknemers in de waardeketen |
3.3.2.2 Medewerkers in de waardeketen – Beleid |
Niet van toepassing: S2 artikel 18, 19 |
|
S2-2 |
Processen om met werknemers in de waardeketen te overleggen over impacts |
3.3.2.3 Medewerkers in de waardeketen – Betrokken stakeholders |
|
|
S2-3 |
Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor werknemers in de waardeketen om zorgen kenbaar te maken |
3.3.2.3 Medewerkers in de waardeketen – Betrokken stakeholders – Ontvangen signalen en klachten |
|
|
S2-4 |
Acteren op materiële impacts en benaderingen om wat betreft medewerkers in de waardeketen materiële risico’s te mitigeren en materiële kansen te benutten |
3.3.2.4 Medewerkers in de waardeketen – Inzet |
Niet van toepassing: S2 artikel 36 |
|
S2-5 |
Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts en het beheersen van materiële risico’s en kansen |
3.3.2.4 Medewerkers in de waardeketen - Inzet |
|
|
S2-entiteit specifiek |
Ervaren werkdruk (te hoog) (% werknemers) |
3.3.2.5 Medewerkers in de waardeketen – Maatstaven en doelen |
|
|
S2-entiteit specifiek |
Ontwikkeling ervaren werkdruk (te hoog) (% werknemers) |
3.3.2.5 Medewerkers in de waardeketen – Maatstaven en doelen |
|
|
S2-entiteit specifiek |
Administratietijd (% van totale tijd) |
3.3.2.5 Medewerkers in de waardeketen – Maatstaven en doelen |
|
|
S2-entiteit specifiek |
Ontwikkeling administratietijd (% van totale tijd) |
3.3.2.5 Medewerkers in de waardeketen – Maatstaven en doelen |
|
|
S4 | Consumenten en eindgebruikers |
|||
|
S4-1 |
Beleid ten aanzien van consumenten en eindgebruikers |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Beleid |
Niet van toepassing: S4 artikel 16, 17 |
|
S4-2 |
Processen om met consumenten en eindgebruikers te overleggen over impacts |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Betrokken verzekerden |
|
|
S4-3 |
Herstelprocessen voor negatieve impacts en kanalen voor consumenten en eindgebruikers om zorgen kenbaar te maken |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Ontvangen signalen en klachten |
|
|
S4-4 |
Acteren op materiële impacts op consumenten en/of eindgebruikers en benaderingen om met betrekking tot consumenten en eindgebruikers materiële risico’s te beheersen en materiële kansen te benutten, en de effectiviteit van maatregelen |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Inzet |
Niet van toepassing: S4 artikel 35 |
|
S4-5 |
Doelen wat betreft het beheersen van materiële negatieve impacts, het bevorderen van positieve impacts en het beheersen van materiële risico’s en kansen |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Maatstaven en doelen |
|
|
S4-entiteit specifiek |
Klanttevredenheidsscore |
3.3.3.2 Toegang tot verzekeringen – Maatstaven en doelen |
|
|
S4-entiteit specifiek |
Percentage ingeschreven verzekerden bij een huisarts |
3.3.3.3 Toegang tot zorg – Maatstaven en doelen |
|
|
S4-entiteit specifiek |
Ontwikkeling percentage ingeschreven verzekerden bij een huisarts |
3.3.3.3 Toegang tot zorg – Maatstaven en doelen |
|
|
S4-entiteit specifiek |
Geplaatst percentage inwoners met een Wlz-indicatie |
3.3.3.3 Toegang tot zorg – Maatstaven en doelen |
|
|
G1 | Zakelijk gedrag |
|||
|
G1-1 |
Beleid ten aanzien van zakelijk gedrag en bedrijfscultuur |
3.4.1 Zakelijk gedrag |
Niet materieel: G1 artikel 10f |
|
G1-2 |
Beheer van relaties met leveranciers |
Niet materieel |
|
|
G1-3 |
Preventie en opsporing van corruptie of omkoping |
Niet materieel |
|
|
G1-4 |
Incidenten van corruptie en omkoping |
Niet materieel |
|
|
G1-5 |
Politieke invloed en lobbyactiviteiten |
Niet materieel |
|
|
G1-6 |
Betalingspraktijken |
Niet materieel |
|